Lesgeven is het leukste beroep van de wereld en iedereen zou het wel willen doen! En terecht. Maar de volgende keer dat er weer zo’n de-beste-stuurlui-staan-al-wal-opmerking voorbij komt weet je nu in ieder geval een gevat antwoord terug te kaatsen. 10 dingen die je nooit tegen een leerkracht moet zeggen (en de gevatte antwoorden). 

1. ‘Wat lijkt het me heerlijk, elke middag om drie uur vrij.’
Ja fijn he?! Ik spring op mijn fiets naar huis en start daar om 15.30 uur met mijn andere hobby’s: nakijken, administratie, groepsplannen schrijven, vergaderen en oudergesprekken voeren.

2. ‘Het lijkt me ook wel wat, kleuterleerkracht. Beetje oppassen, beetje spelen.’
O tof! Kun je ze dan ook even over de vormen, tellen, letters, klanken en hun emoties leren? En vergeet allerlei belangrijke woorden die aangeleerd moeten worden niet.

3. ‘Na mijn pensioen wil ik nog graag iets nuttigs doen dat wel relaxed is, lesgeven bijvoorbeeld.’
Nobel, nobel. Misschien is vrijwilligerswerk op de golfbaan een beter idee?

4. ‘Ik betaal belasting, dus eigenlijk ben ik een beetje jouw baas.’
O je werkt op kantoor? Bij de verzekeringsmaatschappij waar ik geld aan betaal?
Of
Ik betaal ook belasting, ik ben dus mijn eigen baas!

5. ‘Maar je hebt tig weken vakantie.’
Ja en dan lig ik hele dagen op het strand te bakken. Ik heb een paar kaboutertjes ingehuurd om mijn klas in orde te maken, na te kijken, lessen voor te bereiden, rapporten te schrijven en plannen te maken. Aanrader hoor! Wil je het nummer van het verhuurbedrijf?

6. ‘Je krijgt er toch voor betaald? Voor je roeping?’ 
Ik ben dol op lesgeven, doe het  met heel mijn hart. Maar het blijft werk. Ik moet ook mijn hypotheek betalen, zorgen voor een goede toekomst voor mijn kind en brood op de plank brengen. En wie houdt er niet van een goede loonsverhoging?

7. ‘Kinderen zijn snel verveeld, doe je wel moeite om het leuk te maken in de klas?’
Nee. Ik lees het tekstboek voor en laat af en toe een filmpje zien op het digibord voor vermaak. Daarom race ik als de kinderen naar huis zijn ook meteen naar huis. Lekker vrij!

8. ‘Ik ben ook naar de basisschool geweest, dus ik weet ook wel wat je moet doen als leerkracht.’ 
Ja en je hebt ook gevoetbald, dus je weet precies wat de bondscoach moet doen. En je hebt wel eens in het ziekenhuis gelegen, dus je weet ook wel wat de verpleegkundigen moeten doen.
Maar hee, kom morgen eens langs in de klas en laat je skills zien. Ga ik achter in de klas eens even lekker nakijken.

9. ‘Je kunt pas echt goed lesgeven als je zelf kinderen hebt.’
Ik ben moeder. En ik kan je vertellen: dat zijn twee totaal verschillende disciplines.
De band met mijn eigen kind is anders dan met ‘mijn’ kinderen in de klas.
De kinderen in de klas noemen me dan ook juf en niet mama (al vergissen ze zich soms wel eens ;)).

10. ‘Waarom ben je zo streng? Het zijn maar kinderen.’ 
Vraag het me nog maar eens als ze volwassen zijn. Dan weet je waarom.

Lees meer leerkrachtenhumor