Iedere leerkracht krijgt er mee te maken als er een leerling met ADHD in de klas zit. Een negatieve en ongemotiveerde houding, boosheid en emotionele uitbarstingen van de leerling. Dit kan een grote impact op de rest van de klas hebben, zo ook op de leerkracht. Hoe je als leerkracht een negatieve gedragscirkel kunt doorbreken

Hoe je als leerkracht een negatieve gedragscirkel kunt doorbreken

Ik kom dan gelijk bij mijn eerste punt. Vergeet niet voor ogen te houden dat het voornamelijk voor de leerling met ADHD een grote impact heeft. Ook al lijkt dit soms in eerste instantie niet zo. Het is een kind, ook al is het gedrag soms heel ‘groot’.

Lees ook: HOE KUN JE ALS LEERKRACHT OMGAAN MET ADHD IN DE KLAS?

Hulpvraag

Probeer dus te allen tijde te blijven zien dat het gedrag in feite een hulpvraag is.

‘Help mij te overleven in een omgeving vol prikkels, onvoorspelbaarheid, en de drang naar prikkels, naar uitdaging en nieuwe leerervaringen te kanaliseren.’

Motivatie

Onderdeel van ADHD is het gebrek aan motivatie. Vooral als het gaat om taakjes, werkjes, momenten of plekken waaruit de leerling niet voldoende uitdaging haalt. Als de leerling iets saai, niet leuk, of juist heel spannend (faalangst) vindt, dan kan een leerling zichzelf vaak moeilijk motiveren om te doen wat er verwacht wordt.

Het gebrek aan motivatie moet niet gezien worden als onwil. Activeren zonder de juiste motivatie is heel moeilijk voor een leerling met ADHD. De ‘motor’ wil niet of moeizaam starten, hoe hard een leerling het soms ook probeert.

Lees ook: WAT JE MOET WETEN ALS ER EEN LEERLING MET ADHD IN DE KLAS KOMT

ADHD brein

In feite is het zo dat een ADHD brein in slaap valt (ongemotiveerd / niet actief zijn), wegdoezelt (motivatie zakt weg / met hulp wel te activeren) of ineens klaarwakker is (hoge motivatie / impulsief en direct in actie).

Dit betekent dat de leerling op de momenten dat er iets verwacht wordt op het gebied van werk, taakjes of een andere zittende activiteit, maar dit niet doet, in feite in slaap is gevallen of aan het wegdoezelen is.

Lees ook: ADHD EN TIJDSBESEF. HOE LANG IS 5 MINUTEN?!

‘Wakker worden’

Ze hebben op dat moment hulp nodig om ‘wakker’ te worden. Dat kan op verschillende manieren. Door wat er verwacht wordt aan te passen zodat het prikkelend wordt. Een kleine aanpassing kan soms al voldoende zijn, zoals even een andere plek geven (niet als straf!). Uitzicht op een beloning, mits dit aansluit bij de leerling, kan ervoor zorgen dat de ‘motor’ aangaat. Eventueel kan ervoor gekozen worden om het werk op een ander tijdstip te laten doen, of om het samen te doen.

Verantwoordelijkheid geven

Ook het geven van een verantwoordelijkheid zoals andere leerlingen helpen, of het werk uitdelen, kan helpen.
Last but not least.. Geef complimenten! Er valt altijd wel iets positiefs te benoemen.

Lees ook: GEPAST GEDRAG STIMULEREN (IN DE KLAS EN DAARBUITEN)

Word niet boos

Wat geen enkel positief effect heeft op het activeren van een leerling met ADHD, is boos worden. Boos worden, druk uitoefenen, straffen of dreigen met straf, zorgen er niet voor dat de leerling gemotiveerd raakt. De ‘motor’ gaat niet aan door die manier van benaderen.

Doordat een leerling vaak wel wíl maar het gewoon niet lukt om te activeren, zal boosheid van de leerkracht averechts werken. De leerling raakt daardoor nog gefrustreerder en dit zal vaak uitmonden in een woede-uitbarsting, huilbui, in zichzelf gekeerd raken, faalangst, onzekerheid en angst.

Dat kan dan weer tot gevolg hebben dat de leerling met ADHD alert wordt op eventuele negativiteit bij de leerkracht, wat kan leiden tot een tijdelijke gedragsaanpassing. De leerling gaat zich dan aangepast gedragen, om maar niet de boosheid van de leerkracht te triggeren.

Vicieuze cirkel

Dit aangepaste gedrag zorgt er juist voor dat er veel spanning begint op te bouwen, wat ineens eruit kan komen op een onverwachts moment. Ook kan het zijn dat de opgebouwde spanning eruit komt bij een eerstvolgend conflict met een medeleerling of met de leerkracht.
Zodra er dan weer met onbegrip en boosheid wordt gereageerd vanuit de leerkracht, ontstaat op dat moment de negatieve gedragscirkel.

Je komt dan als leerkracht in een vicieuze cirkel met de leerling. Wat veel leerkrachten dan vervolgens verwachten is dat de leerling de vicieuze cirkel doorbreekt. Vaak wordt verwacht dat de vicieuze cirkel doorbroken kan worden als de leerling zich gaat gedragen zoals er verwacht wordt.

Zelfreflectie

Met alle respect voor leerkrachten, maar daar zit nou precies de gróótste denkfout. De leerling kán die vicieuze cirkel niet doorbreken. De leerkracht zal dat in gang moeten zetten. Dit vraagt veel van een leerkracht, aangezien dit alleen doorbroken kan worden door te beginnen met zelfreflectie.

Het gedrag van een leerling met ADHD valt en staat grotendeels door de houding en benadering van de leerkracht t.o.v. de leerling (alsmede t.o.v. de ouders van de leerling. Daarover zal ik uitweiden in mijn volgende blog.)

Durf als leerkracht ( of ondersteunend personeel) naar jezelf te kijken. Wat maakt dat het niet lukt om de leerling op een positieve manier mee te krijgen in de klas? Wat stoort je het meest aan de leerling? Wat zijn de positieve eigenschappen van de leerling? Wat is je visie op ADHD? Allemaal belangrijke vraagstukken om er achter te komen hoe je als leerkracht t.o.v. de leerling met ADHD staat.

Durf je als leerkracht kwetsbaar op te stellen, en stel je open voor nieuwe inzichten. Kwetsbaar opstellen betekent niet dat je je gezag kwijtraakt.

Kwetsbaar opstellen betekent dat je durft toe te geven dat het niet lukt met de leerling met ADHD. Dit betekent ook dat je durft te erkennen dat je als leerkracht zélf zal moeten veranderen om ervoor te zorgen dat de leerling in staat is om lesstof in zich op te nemen, en een positieve bijdrage in de klas kan krijgen.

Gehoord voelen

Door als leerkracht open te zijn over je eigen fouten of verkeerde inschattingen, voelt de leerling zich gehoord en gezien als volwaardig. ADHD brengt extra sensoren met zich mee, waardoor de leerling vaak precies voelt of ziet waar het niet goed gaat. Stel je daarvoor open.
Geef de leerling de ruimte om aan te kunnen geven wat hij / zij als ‘oorzaak’ geeft van eigen gedrag.

Geef de ruimte

Neem dit ook serieus, of je het er nou mee eens bent of niet, geef de ruimte aan de leerling om te kunnen zeggen waar hij/zij tegenaan loopt t.o.v. jou als leerkracht, collega’s of andere leerlingen. En de grootste uitdaging tijdens zo’n gesprek is om de leerling niet te gaan wijzen op de manier waarop er verteld wordt. Er kunnen een hoop emoties loskomen tijdens het vertellen. Je kan het idee krijgen dat de leerling verbaal agressief overkomt, terwijl de leerling hoogstwaarschijnlijk aan het vertellen is zoals de situatie is ervaren.
Laat de leerling vrij vertellen, met slechts 2 duidelijke afspraken. Geen grove scheldwoorden of agressie.

Neem dat gesprek als startpunt om tot een plan te komen om de vicieuze gedragscirkel te doorbreken. Wat heeft de leerling nodig?! Wat heb je als leerkracht nodig om de leerling te kunnen bieden wat nodig is?!

Maak vervolgens een plan op maat. Een communicatieplan, een handelingsplan of een signaleringsplan.

Geef de leerling jouw vertrouwen.

Spreek dit letterlijk uit en geef de leerling een objectieve kans om een ‘herstart’ te maken.

Als de leerling met ADHD zichzelf mag zijn, en geholpen wordt om op positieve manier te ontplooien, dan is de leerling met ADHD een hele mooie, inspirerende, verfrissende toevoeging aan de klas.

Uitgelichte foto:  Shutterstock