22 januari tot en met 1 februari vinden de Nationale Voorleesdagen plaats. Weer een mooie tijd in het jaar om zoveel mogelijk voor te lezen in je klas en thuis. (Zeker, omdat ik op 1 februari jarig ben). Wat is er nou mooier om de kinderen aan je lippen te hebben hangen tijdens een voorleessessie?
Krrrr… okodil! van Catherine Rayner is het prentenboek van het jaar 2014. Goed geschikt voor de Nationale Voorleesdagen. En wat een prachtig boek is het! Je kunt er verschillende kanten mee op. Verscheidene thema’s zijn aan te boren in je klas. Hier vind je ideeën om het boek tot leven te brengen in de klas en thuis.

Op school

Doel: woordenschat

  • Leg allerlei voorwerpen die met dieren uit de jungle te maken hebben in de kring. Plastic beesten, voer, materiaal uit de dierentuin, handpoppen, etc.
    Je kunt de kinderen laten praten over de dieren. Ook is het leuk om de kinderen het dagritme van de dieren te laten naspelen. Bijvoorbeeld het eten van de dieren. Benoem de handelingen van de kinderen als de kinderen het uitspelen. Bijvoorbeeld: je gaat op jacht naar je eten, je vangt je eten, je eet het op.
    Vraag aan de kinderen:
    Wat doet de krokodil uit het boek allemaal op een dag? Hoe ziet zijn dagritme eruit?
  • Maak een woordweb met de kinderen. Begin met het woord jungle en laat de kinderen dierennamen noemen uit de jungle. Teken zelf de dieren erbij of laat de kinderen tekenen. Weten de kinderen ook andere woorden uit de jungle te benoemen? Zoals het woord liaan?
  • Praat met de kinderen over de jungle. Wie is er wel eens geweest? Waar was dat? Je kunt dit aanwijzen op de kaart. Wat vind je allemaal in de jungle?
  • Maak een dierentuin van de verteltafel. Laat de kinderen dieren meenemen van huis en laat ze hokken maken van blokjes. Ze kunnen bij deze verteltafel dan dierentuin spelen. Zorg voor een paar poppetjes die de dierenverzorgers kunnen zijn.
  • Laat de kinderen vertellen wat de krokodil allemaal doet op zijn dag. Wie laat ook wel eens anderen schrikken? En wat gebeurt er dan?

Doel: beginnende geletterdheid

  • Het woordje krrrr…okodil wordt veel gebruikt in het boek. Je kunt samen met de kinderen ook de andere dieren uit het boek dezelfde soort namen geven. Nijlpaard wordt dan nijllllllll… paard! En kikkers worden bijvoorbeeld kiiiiiiiiii kkers. Kan dit ook met andere dierennamen uit de jungle? Ga samen met de kinderen op zoektocht en schrijf de veranderde namen op. Je kunt alle kinderen uit de klas een dier uit de jungle laten kiezen die ze tekenen. Schrijf hier de andere naam bij, net zoals de krrrr… okodil uit het boek.
  • Kunnen de kinderen ook geheel nieuwe namen verzinnen voor de dieren? Laat de namen allemaal met dezelfde letter beginnen. Bijvoorbeeld alleen namen met een e.
  • Laat de kinderen allerlei dieren noemen met een beginletter. Bijvoorbeeld alleen dieren met een t. Laat de kinderen een tekening maken van alle dieren die met die letter beginnen. Schrijf (of laat de leerling het schrijven) de grote letter op het blad en laat de kinderen de dieren eromheen tekenen.
  • Laat de kinderen met stoepkrijt hun lievelingsdier tekenen op het plein. Schrijf samen met hen de naam van het dier erbij. Benoem daarbij goed de verschillende letters.
  • Verzamel alle dieren met de letter die je net hebt aangeleerd. Leg ze allen in het midden van de kring. Benoem goed de beginletter en het dier zelf.
  • Maak de aangeleerde letter met het poep van de dieren. Maak dit dan bijvoorbeeld met een papje van ontbijtkoek of met dropjes (keuteltjes).

Doel: rekenen

  • Koop of zoek allerlei plastic dieren van de dierentuin. Bijvoorbeeld: Dieren bij bol.com. Je kunt in de kring de dieren sorteren en groeperen op vorm, kleur, grootte.
  • Sorteer de dieren in de verschillende klimaten. Als je speelgoeddieren hebt, kun je dit mooi doen op een landkaart. Welke dieren wonen er op de Noordpool? En op de evenaar? En in de zee? Etc.
  • Knip en plak met de kinderen: laat ze printjes en strepen maken van de dieren. Sorteer de printjes en strepen in de kring. Welk streepje/printje hoort bij welk dier?
  • Download Eigenschappen dieren sorteren. Match met de kinderen de huid met de dieren. Dit kun je ook doen met de werkvorm mix en ruil of zoek iemand die.
  • Sorteer de dieren op volgorde van grootte. Welk dier is het grootst en welke het kleinste?
  • Tel de plastic dieren in de kring vanuit verschillende startpunten.
  • Maak met de dieren een rij. Geef alle dieren een nummer. Laat de kinderen vanaf een bepaald dieren verder tellen.
  • Maak met de dieren groepjes. Laat de kinderen het juiste cijferkaartje leggen bij het groepje dieren. Hoeveel zijn er in het groepje?
  • Turf met de kinderen wie welke dieren leuk vindt. Maak hier een staafdiagram van. Je kunt de dieren uit het boek gebruiken, maar ook alle dieren uit de jungle. Hoeveel kinderen vinden de olifant leuk? En hoeveel kinderen de tijger? Etc. Praat erna met de kinderen welk dier door weinig kinderen leuk gevonden wordt. En welke door veel kinderen?

Creativiteit

  • Laat de kinderen de bek van de krokodil tekenen. Alleen de tanden. Daar omheen kunnen ze de kop van de krokodil plakken met gekleurd papier. Laat ze er ook een oog in plakken. Vertel ze goed over het zij-aanzicht van de krokodil.
  • De kinderen kunnen ook juist allerlei witte driehoekjes uitknippen als tanden van de krokodil. Laat ze die opplakken op papier en de kop van de krokodil eromheen plakken of tekenen.
  • Praat met de kinderen over wat de krokodil allemaal doet in het boek. Laten zij ook wel eens iemand schrikken? En wat gebeurt er dan? Vindt diegene het leuk of juist niet? En waarom?
  • Praat met de kinderen over de jungle. Pak er andere platen van de jungle bij. Bijvoorbeeld van Jungle Book. Wat zie je allemaal in de jungle? Wie leven er? Welke planten vind je er?
  • Het woordje krrrr…okodil wordt veel gebruikt in het boek. Je kunt samen met de kinderen ook de andere dieren uit het boek dezelfde soort namen geven. Nijlpaard wordt dan nijllllllll… paard! En kikkers worden bijvoorbeeld kiiiiiiiiii kkers. Kan dit ook met andere dierennamen uit de jungle? Ga samen met de kinderen op zoektocht en schrijf de veranderde namen op. Je kunt deze namen met geeltjes in het boek plakken. De kinderen een tekening laten maken en hier de andere namen bij zetten kan ook.
  • De kinderen kunnen ook juist allerlei witte driehoekjes uitknippen als tanden van de krokodil. Laat ze die opplakken op papier en de kop van de krokodil eromheen plakken of tekenen.

Thuis

  • Praat met de kinderen over wat de krokodil allemaal doet in het boek. Laten zij ook wel eens iemand schrikken? En wat gebeurt er dan? Vindt diegene het leuk of juist niet? En waarom?
  • Praat met de kinderen over de jungle. Pak er andere platen van de jungle bij. Bijvoorbeeld van Jungle Book. Wat zie je allemaal in de jungle? Wie leven er? Welke planten vind je er?
  • Het woordje krrrr…okodil wordt veel gebruikt in het boek. Je kunt samen met de kinderen ook de andere dieren uit het boek dezelfde soort namen geven. Nijlpaard wordt dan nijllllllll… paard! En kikkers worden bijvoorbeeld kiiiiiiiiii kkers. Kan dit ook met andere dierennamen uit de jungle? Ga samen met de kinderen op zoektocht en schrijf de veranderde namen op. Je kunt deze namen met geeltjes in het boek plakken. De kinderen een tekening laten maken en hier de andere namen bij zetten kan ook.
  • Laat de kinderen de bek van de krokodil tekenen. Alleen de tanden. Daar omheen kunnen ze de kop van de krokodil plakken met gekleurd papier. Laat ze er ook een oog in plakken. Vertel ze goed over het zij-aanzicht van de krokodil.
  • De kinderen kunnen ook juist allerlei witte driehoekjes uitknippen als tanden van de krokodil. Laat ze die opplakken op papier en de kop van de krokodil eromheen plakken of tekenen.

Veel plezier met dit mooie boek!