Je weet dat het weekend is als je de koffie warm kunt drinken, je het nakijkwerk toch maar niet doet en je lang, lekker en veel eet. En hoeveel we ook houden van ons werk, we zijn ook dol op het weekend, net als iedereen. 

Je weet dat het weekend is als

1. Je de koffie weer warm kunt drinken

Je kent het wel. Heb je net het record sprinten gehaald, want in de pauze racen voor een toiletbezoek en een kop koffie halen, en je gaat er eens lekker voor zitten in je bureaustoel, komt er een huilend kind naar je toe, moeten de lessen beginnen of is een kind iets kwijt wat hij nu echt MOET hebben. In de klas gebeurt er altijd wel iets. En ja, na een half uur is je welverdiende bakkie, bah, koud.
Hoera voor het weekend waar je je eens heerlijk in je lekker zittende stoel nestelt en rustig aan je kopje pleur nipt.

2. Je ook laat naar bed gaat, maar nu kunt uitslapen

De hele week ga je laat naar bed en elke ochtend heb je er spijt van. Maar de avonden zijn zo leuk! Tijd voor wat nakijkwerk (minder leuk), hobby’s of weer eens Pauw of RTL late night kijken. De ochtend erna vraag je je af waarom je dat ook alweer doet en is het koffiezet apparaat op je werk je beste vriend. In het weekend maakt dat laat naar bed gaan niet uit, alle tijd om uit te slapen en rustig aan te doen in de ochtend.  Als je zelf geen kinderen hebt dan ;).

3. Je alle tijd hebt om te eten 

Elke morgen stap je op de fiets, in de auto of OV met je broodtrommeltje netjes in je propvolle leerkrachtentas gestopt. In de pauze van een kwartier doe je halsstarrige pogingen om je bammetjes naar binnen te proppen terwijl je kinderen corrigeert, nakijkt, een overleg voert met een collega of pleinwacht loopt. In het weekend heb je tijd om uitgebreid te kokkerellen, heerlijk te eten en lekker lang na te tafelen.

4. Je ongegeneerd een hele reep chocola of zak chips naar binnen kunt schrokken

Vanwege het gezonde beleid bij je op school (heel goed!) werk je braaf elke dag je fruit en/of groente naar binnen in het bijzijn van de kinderen. Na schooltijd is er geen kruimel koek of ienieminie snoepje te vinden, want traktatie moeten ook gezond. Net voordat je van pure ellende dan maar een pak hagelslag aan je mond wilt zetten bedenk je je dat je voorraadkast thuis vol ligt en je in het weekend los kunt gaan.

5. Je het nakijkwerk toch niet doet

Op vrijdag zit je in de kroeg of thuis een drankje te doen tijdens de vrijmibo. Je hebt de boel de boel gelaten in je klas, want het is mooi weer, je bent moe, of je vond het gewoon wel welletjes. Je propt je tas vol met werk voor in het weekend. Alle tijd! Op zaterdag ligt je tas te verstoffen in een hoek en denk je er niet eens meer aan. Op zondagavond schiet je tijdens het zappen overeind: o nee! Dat nakijkwerk! Je besluit dat het dan toch ook geen zin meer heeft, morgen weer een dag.

6. Je hoestend en proestend op de bank ligt. Ja hoor, ziek

Meestal bewaar je het ziek zijn voor je vakanties. Ziek zijn in de klas kan toch niet? Wat moeten al die kinders zonder jou? Soms vergist de griep zich en word je in het weekend ziek. Om op maandag weer al dan niet fluitend voor de klas te staan.

7. Je tijd hebt om te shoppen, maar je budget uit geeft aan prullaria voor de klas

Ja, weekend is tijd om te shoppen! Je hebt nog een broek en nieuwe schoenen nodig. Je doet een poging om de kleding winkel in te stappen. Maar dan moet je eerst langs zo’n goedkope rommeltjes winkel. Je besluit heel even een kijkje te nemen en vervolgens is je hele middag weg. Bij thuiskomst blijk je alleen voor je klas te hebben gekocht. Dan maar weer snel kleding online bestellen (als je portemonnaie het nog toe laat dan).

8. Je tijdens een familie- of vriendenbezoek iedereen oproept met je mee te sparen

In het weekend is het tijd voor je sociale contacten. Al snel hoor je ‘Ja juf (of meester)!’ Want je hebt ze alweer opgedragen om met je mee te sparen voor voetbalplaatjes, kortingskaarten voor het schoolreisje, moestuintjes of plastic zijn-zo-kapot poppetjes.

9. Je dolblij een showtje opvoert

Je staat graag in de belangstelling, ook in het weekend. Je springt het eerste op een podium en grijpt de microfoon bij een avondje karaoke, spreekt met gemak een hele groep aan en schreeuwt het hardste om je kind aan te moedigen bij een sportwedstrijden.

10. Je toch ook even werkt

Dat nakijkwerk van puntje 5 heb je dan wel overgeslagen, maar er is altijd nog wel iets te doen. Je collega’s mailen, je groepsplan maken, voorbereiden voor de nieuwe week, lamineerwerk uitprinten en werkjes knippen. Zuchtend tel je de werkdagen vast tot de zomervakantie.

Wat doe jij in het weekend?