(Door Manon) Ik heb me een hele tijd afgevraagd hoe ik mijn dochter Nomi voor kon bereiden op de peuterspeelzaal. Peuters begrijpen best veel, maar ze was nog nooit op een peuterspeelzaal geweest en daarom kon ze eigenlijk niet weten wat er precies ging gebeuren. Toch probeerde ik haar een beetje voor te bereiden.

Zo kon ik mijn kind voorbereiden op de peuterspeelzaal

We begonnen met het kijken van filmpjes op YouTube. We keken hoe peuters in een klasje liedjes aan het zingen waren en dat vond Nomi natuurlijk hartstikke interessant. ‘Dat is een peuterspeelzaal Nomi, daar ga jij ook naartoe’. ‘Liedje zingen toe.’ Eh ja, zoiets.

School

Het woord peuterspeelzaal kende ze nog niet, maar het woord school wel. Haar nicht zit namelijk op school en ook al had Nomi er nog geen beeld bij, ze wist wel dat haar nicht niet thuis was als ze op school was. Ik vertelde Nomi dat ze ook naar school ging en dat leek ze wel een beetje te snappen.

Wat ik haar ook uit wilde leggen, is dat zij op de peuterspeelzaal zou blijven en dat ik dan naar huis zou gaan. Ze wist heel goed wat het betekent als iemand weggaat en daar maakte ik gebruik van. ‘Nomi blijft dan op school, bij de andere kindjes. Daar ga jij dan spelen.’ ‘Nomi kindjes spelen?’ ‘Ja, Nomi gaat met de kindjes spelen.’ ‘Oké.’ En dan gaat mama weg, ik ga dan weer naar huis.’ ‘Mama weg. Oké.’

Ze leek het te snappen, maar het bleef natuurlijk spannend. Daarna hebben we het er nog vaak over gehad en na een tijdje vroeg ze of Lenn, haar broertje, ook naar school zou gaan. Ik vertelde haar dat baby’s nog niet naar school gaan, alleen kindjes zoals Nomi. ‘Lenn huis?’ ‘Ja, Lenn gaat dan weer naar huis.’

Naar de peuterspeelzaal

Op die manier heb ik haar geprobeerd voor te bereiden, en toen we de eerste keer naar de peuterspeelzaal gingen leek ze wel te weten wat er zou gaan gebeuren. Natuurlijk vond ze het hartstikke spannend en was ze in het begin best verlegen, maar ze vond het al snel heel leuk. Hoe het wennen op de peuterspeelzaal precies ging, kun je hier lezen.