Door als ouder de juiste woorden te kiezen in alledaagse thuissituaties, leert je kind ontzettend veel extra. Zo geef je je kleuter een extra steuntje in de rug. Deze week het vierde blog in de serie Thuis leren: 25 leermomenten tijdens het eten

Thuis leren tijdens het eten-3

Leermomenten tijdens het eten

Je helpt je kind in de ontwikkeling door het thuis te stimuleren. Vooral voorlezen en praten met je kind levert veel op. Dit blijkt uit een aantal onderzoeken. Zo gaat dit onderzoek in op de invloed van ouders op schoolprestaties. Er is een onderzoek naar betrokkenheid thuis. En een Amerikaanse studie gaat in op het effect van ouders op goede cijfers halen op school.

Natuurlijk leert het kind veel op school. Wellicht kan je kind iets al, of weet hij het na een keer laten zien. Maar door het te herhalen wordt het ingebed in het brein. Kinderen vinden het vaak juist prettig om zaken meerdere keren te horen. Je kind herkent het geleerde op school ook thuis en maakt het eigen.
Maar hoe doe je dat dan? Bijvoorbeeld door er spelletjes mee te spelen.

Deze week een blog over wat je kunt leren tijdens het eten. Er valt veel te leren tijdens de lunch, diner en bij het eten van een tussendoortje.
Sommige onderdelen kosten wat meer tijd. Je zult op een drukke doordeweekse dag niet overal tijd voor hebben. Maar je kunt altijd wat dingen benoemen. Op de dagen dat je wat meer tijd hebt, ga je wat dieper op zaken in. Je kunt van ieder moment een leermoment maken. Soms is dat kort, als je haast hebt.

Wat je kunt leren tijdens het eten

Rekenen met eten

Met het eten verdelen kan je kind veel tellen. Voor eind groep 2 moet je kind tot en met 20 kunnen tellen. Ook de rangtelwoorden, zoals eerste, tweede, derde, etc. zijn belangrijk. Je kind kan ook in sprongen van 2 leren tellen. Aan het eind van groep 2 moeten de kinderen het volgende kunnen: voorwerpen kunnen groeperen op basis van vorm, kleur en grootte, weinig en veel en links en rechts kunnen benoemen. Dit is belangrijk voor het voorwerpen kunnen orderen op basis van kenmerken. Ook leren schatten komt voorbij.

1. Vraag je kind het eten te tellen dat je hebt klaar gezet. Bijvoorbeeld het aantal boterhammen die je in de broodmand hebt gestopt. Of de aantal stukjes pasta op het bord. Of het aantal snoepjes dat je aan iedereen hebt gegeven.
2. Vraag je kind boterhammen, snoepjes of koekjes klaar te zetten voor het gezin. Hoeveel eet iedereen? En hoeveel zijn er dan nodig?
3. Zet tijdens het tafel dekken te weinig eten, bijvoorbeeld boterhammen, snoepjes of koekjes neer. Vraag je kind hoeveel er te weinig zijn.
4. Zet tijdens het tafel dekken te veel eten, bijvoorbeeld boterhammen of koekjes neer. Vraag je kind hoeveel er te veel zijn.
5. Vraag je kind waar er te veel koekjes, snoepjes of boterhammen zijn en waar te weinig.
6. Vraag je kind iedereen twee koekjes of snoepjes te geven. Laat het tellen in sprongen van 2.
7. Vraag je kind groepjes te maken van twee, drie of vier koekjes of snoepjes (meer kan natuurlijk ook).
8. Geef je kind een bepaald aantal boterhammen, pasta, snoepjes of koekjes. Laat het eerlijk verdelen onder iedereen.
9. Laat je kind verder tellen vanaf een bepaald getal. Leg bijvoorbeeld drie koekjes neer en nog vier op een andere stapel. Laat je kind verder tellen vanaf de drie.
10. Met wat oudere kinderen kun je de keersommen oefenen. Laat je kind het aantal boterhammen, snoepjes of koekjes keer twee doen, of keer vier.

Spelen met snoepjes

Met snoepjes kun je goed spelen en tellen! Je kind leert schatten, tellen en de snoepjes sorteren op verschillende eigenschappen.

1. Doe een bepaald aantal snoepjes in een glazen pot. Laat je kind schatten hoeveel erin zitten.
2. Stop tien of 20 snoepjes in de snoeppot. Vertel je kind dat je er zoveel in hebt zitten. Haal er steeds wat snoepjes uit. Laat je kind tellen hoeveel snoepjes eruit zijn gehaald. Laat je kind bedenken hoeveel snoepjes er nog in de pot zitten.
3. Speel het versje Rekenen op rijm van Annie MG Schmidt na met de snoepjes. Het versje is te vinden in het boek Ziezo
4. Pak een lege eierdoos van tien eieren. Leg in elk vakje een snoepje. Doe hier spelletjes mee. Verstop bijvoorbeeld wat snoepjes en laat je kind bedenken (door naar de eierdoos te kijken) hoeveel snoepjes er zijn verstopt.
5. Geef een kind meer snoepjes dan het andere kind. Hoeveel heeft hij of zij meer dan de ander. En hoeveel heeft de ander minder?

Bouwen met verpakkingen

Mijn zoontje van anderhalf vindt het heel leuk om te bouwen, ook met de ontbijtspullen. Kleuters vinden dit ook erg leuk om te doen. Je kind krijgt er meer ruimtelijk inzicht door. Voor kleuters is het ook belangrijk om een bovenaanzicht te herkennen.

1. Laat je kind bouwen met verpakkingsmateriaal. Laat het een toren bouwen van de potten pindakaas en hagelslag.
2. Laat je kind figuren maken met het verpakkingsmateriaal. Laat het bijvoorbeeld een kasteel met torens bouwen.
3. Laat je kind knutselen met de lege verpakkingen. Laat het fguren bedenken en de verpakkingen vast plakken met lijm.
4. Maak bouwsels met de verpakkingen. Maak een foto van de bovenkant. Laat je kind de foto zien en het bouwsel namaken.

Mooie zinnen maken

Het is belangrijk voor de woordenschat en de taalontwikkeling voor kinderen om lange zinnen te leren maken. Daag je kind uit om in hele zinnen te spreken.

1. Als je kind iets wil vragen aan je, vraag je het om er een mooie zin van te maken. Bijvoorbeeld: ‘Mag ik alsjeblieft de pasta van je mama?’
2. Daag je kind uit om te vertellen waar het eten staat dat hij of zij wil. Bijvoorbeeld: ‘Mag ik de pasta van de bovenste plank in het derde kastje?’
3. Spreek zelf ook in hele zinnen als je je kind iets vraagt, zodat hij of zij het goede voorbeeld hoort.
4. Geef de zin vragend terug als je kind een zin verkeerd uit spreekt. Voorbeeld: Als je kind zegt: ‘Ik heb een broodje gegeet’ zeg jij: ‘O, heb je een broodje gegeten? Was het lekker?’

Meer weten over thuis leren?

Thuis leren: 20 leermomenten tijdens het tafeldekken

Thuis leren: 20 leermomenten tijdens het opstaan

Thuis leren: 25 leermomenten voor onderweg

Hoe je je kind thuis vooruit helpt in de ontwikkeling

Het belang van spelen

Hoe je je kind thuis aan het lezen krijgt. Tips per leeftijdscategorie