Er heerst Weerwolfjeskoorts in de klas van Suzanne: een juniorschrijfwedstrijd! 

Het heerst bij mij  in de klas… kinderen met rode wangen, nauwelijks aanspreekbaar,  compleet in hun eigen wereldje. Gelukkig heb ik het niet over de voorspelde griepepidemie, nee bij mij in de klas heerst de weerwolfjeskoorts.  Geen kinderen met puntige oren en harige snoeten en ook geen zwiepende staarten op hun rug of vlijmscherpe klauwen, maar de Dolfje Weerwolfjekoorts…

Een aantal weken geleden zag ik een reclame voorbij komen voor de juniorschrijfwedstrijd. Even een korte uitleg; de juniorschrijfwedstrijd is een wedstrijd die is uitgeschreven door  Stichting Lezen en Schrijven en Telekids boeken. Voor drie verschillende leeftijdscategorieën is door een bekende schrijver het begin van een verhaal geschreven. Aan de kinderen de taak om het verhaal zo origineel, spannend en grappig mogelijk af te schrijven. Een hele goede oefening vond ik. En dus besloot ik om eens te peilen hoe mijn klas daarover dacht. Die waren gelijk razend enthousiast! Helemaal toen ze hoorden dat wij een verhaal van Dolfje Weerwolfje af mochten schrijven. Vol spanning zaten ze te luisteren naar het begin van het verhaal toen ik dat voorlas…tot het verhaal ineens stopte. ‘Juf, waarom stop je nou?!’ En dat was het moment waarop de kinderen aan de slag moesten. Dat bleek een stuk moeilijker dan gedacht. Want hoe schrijf je nou een verhaal verder? Waar moet je op letten? Kan alles zomaar gebeuren in een verhaal? Ik kwam er al snel achter dat ik deze opdracht in veel kleinere stukjes moest hakken.  Dus heb ik voor alle kinderen een persoonlijk Dolfje-werkboek gemaakt.

Stap 1: De personages

Ik heb eerst van alle personages uit het verhaal een woordweb laten maken. Daarbij moesten de kinderen bedenken hoe het personage eruit zag (als dat nog niet in de tekst stond) en wat voor karakterkenmerken daarbij hoorden. Vervolgens hebben ze in het kort opgeschreven wat het personage in het verhaal doet en waarom hij of zij dat doet. (Waarbij de optie dat het oude vrouwtje taarten bakt van de katten die ze vangt, niet meer  gebruikt mocht worden, omdat ik die inmiddels al drie keer voorbij had zien komen. Oh, en ook soep, salade en kattencake zijn vervangen voor iets originelers.)

Stap 2: Het verband tussen personages

Heel leuk al die verschillende personen, maar om tot een verhaal te komen, moeten ze ook ergens met elkaar in verband gebracht worden. Dus waar kennen ze elkaar van of waar komen ze elkaar tegen? Dat was een lastige, want er werden in het verhaal al een personages voorgesteld en die moesten uiteindelijk ook weer in het verhaal terugkomen.

Stap 3: De oplossing voor het probleem

Heerlijk moment om er lekker op los te fantaseren! Oplossingen liepen uiteen van superhonden, tot lopende appels en toverbomen. Fanta genoeg dus.

Stap 4: Alle ingrediënten samenvoegen tot een origineel en spannend einde van het verhaal

Tijd om alles door elkaar te mengen en het verhaal verder af te schrijven. Er werd driftig gepend, met inderdaad rode wangen en totale focus op het verhaal. Met af en toe een tip van de juf werden er uiteindelijk hele diverse en originele verhalen geschreven.

Het is zo in een paar weken tijd een heel project geworden, waar aardig wat tijd in is gaan zitten. Maar wat een goede oefening voor de kinderen! Ieder kind heeft op zijn of haar eigen niveau gewerkt aan stellen, spellen, zinsbouw, woordenschat en natuurlijk creativiteit. En zo mooi om te zien dat het stilste meisje van de klas dan op papier ineens hele verhalen vertelt. Of het winnende verhaal erbij zit? Dat blijft natuurlijk de grote vraag. Maar met of zonder winnend verhaal, wij hebben er veel van geleerd!

Mocht je meer willen weten of nog mee willen doen (dat kan nog tot 18 maart), kijk dan op www.juniorschrijfwedstrijd.nl. De wedstrijd is geschikt voor alle leerlingen van groep 1 tot en met groep 8.

Veel plezier!